• Chris Ruijter

IJspannenkoeken


De winter. Stiekem ben ik er al sinds 21 december druk mee hoor. En of 'ie nou nog eens een beetje doorkomt. Of niet. Dat laatste helaas vaker. Elke keer laat ik me weer gek maken door de voorspellingen. En de weer-apps. Een hele verzameling sleep ik ondertussen met me mee. Op zoek naar die ene die wél voorspelt wat ik wil horen. Over eigenwijs omdraaiende poolwervels nog maar te zwijgen. Hele wetenschappelijke en meteorologische analyses lees ik er op na. Dat is overigens vooral de schuld van mijn broer. Een onverbeterde optimist. In alle groepsapps kondigt hij met veel bombarie de horrorwinter aan. Elk jaar weer. Meerdere malen. Ik smul er van. Maar stiekem vergewis ik mezelf ervan dat het er nu écht van gaat komen. Dat kan toch niet anders. We wachten al zo lang! Kom op met die kou man! En terwijl de Europese pistes ongekend veel sneeuwval kennen en Spanje de meest barre kou in decennia heeft meegemaakt hebben wij slechts ijspannenkoeken in de Schipbeek bij Rietmolen. Mooi hoor, daar niet van. Maar kom op zeg. IJspannenkoeken? Serieus?


Sneeuw en ijs staan voor mij sinds mijn jeugd al gelijk aan plezier. Als bezetenen holen graven in opgewaaide sneeuwbergen na een flinke sneeuwstorm. Heuse iglo's bouwen in de tuin. Of zelfs op een dichtgevroren Amstelmeer. Er zijn nog foto's van. Geweldig. Later met een zelfgebouwde ijszeiler op datzelfde Amstelmeer om beurten met duizelingwekkende snelheid wakken ontwijken om vervolgens te pletter te slaan op de basaltblokken. Daar zijn helaas dan weer geen foto's van. Via het Oostpunt naar Van Ewijcksluis. Op de schaats. Met vriendjes. Waren we al 10? Met een rugzakje vol proviand. Nooit had je het koud. Toch? Jaren later later fiets ik met mijn toenmalige vriendinnetje van mijn huis naar haar boerderij. Het is 1e of 2e Kerstdag. Bijna 20 kilometer lang fietsen we door een ongerept wit polderlandschap. Fantastisch. Super-romantisch. Het heeft de relatie niet gered overigens. Iets recenter, in november 2005, zit ik samen met mijn huidige vrouw in de auto op de A50 ter hoogte van Apeldoorn-Noord. Urenlang compleet vast in een deel van het verkeersinfarct dat ontstaan was na één van de hevigste sneeuwstormen in de afgelopen decennia. Genoten hebben we. Verbazing. De auto warm gehouden met het laatste beetje benzine. Meegezongen met de radio. Alle schaamte voorbij. De afgelopen jaren zie ik onze kinderen genieten van sneeuw en ijs. Vrij recent ook nog. Het zal je verbazen. Niet langer dan 3 jaar terug. Maar het voelt zo lang geleden. Gigantische sneeuwpoppen en schaatsen hier achter het huis op de sloot.


De kou. Ik hou er van. Er is altijd wel iets te beleven. Iets speciaals. Iets wat alleen in de winter kan. Soms loop je er tegenaan, maar soms ook moet je er naar op zoek. En zoeken heb ik gedaan de afgelopen jaren. Mijn god wat heb ik gezocht. Ver, maar ook dichtbij. Tijdens een gesprek met mijn oudste dochter vroeg ze laatst aan me 'papa, wat is eigenlijk een fenomeen?' Dus ik heb haar uitgelegd wat naar mijn mening een fenomeen was. Dat duurde te lang en kostte teveel woorden. Na een zin of drie zijn de meeste kinderen hun aandacht namelijk wel weer kwijt. Ik had mezelf een hoop tijd kunnen besparen: 'Wil je weten wat een fenomeen is? De Winterjuffer lieverd! Dát is nou nog eens een fenomeen!'

Eén van de twee Noordse winterjuffers in de pol Pijpenstrootje.


Een aantal jaar geleden kwam ik achter een plekje waar zich Noordse winterjuffers op moesten houden. In de winter, uiteraard. En alhoewel ik er toen een paar gevonden heb, ben ik nooit helemaal tevreden geweest met wat ik toen aan foto's heb kunnen maken. En dat knaagt. Dat snap je. Onlangs moest ik voor mijn werk daar in de buurt een inventarisatie doen. Ik kon het niet laten. Waar ik in vorige winters uren heb gezocht naar ook maar één exemplaar had ik er nu binnen 3 minuten 2 gevonden. In dezelfde pol. En toen gebeurde het. Bam. Ik had een doel. Een instant-doel. O, daar hou ik toch zo van hè, als dat gebeurt. Ik eet niet meer, ik slaap niet meer. Ik heb een doel. Deze winter zou het me lukken een winterjuffer berijpt op de foto te zetten. Ja!


De specifieke soort winterjuffer maakte me niet zoveel uit. Er zijn namelijk twee soorten in Nederland moet je weten: de Bruine en de Noordse winterjuffer. Laat je niet foppen hoor, de Noordse is net zo bruin als dat de Bruine een winterjuffer is. De verschillen zijn subtiel, de overeenkomsten niet. Vanaf toen begon het lange wachten. En het smachten. Naar kou. Naar vorst. Naar vocht. Naar de goede omstandigheden om een winterjuffer vast te leggen. Grondmist en nachtvorst alstublieft. Een gouden combinatie. Die helaas maar niet komen wou.

De eerste keer dat ik me gek liet maken was op een vrijdag. De voorspellingen waren goed! Met 3 graden vorst zou die zaterdagochtend de zon opkomen op het veldje bij de Noordse. Locatie en tijdstip waren al afgesproken met fotomaat Stijn Smits. Beiden hebben we de hele nacht liggen woelen en hebben elk uur ons best gedaan de temperatuur op onze telefoons omlaag te kijken. Helaas. De beloofde vorst bleef uit en er zat niks anders op dan operatie 'Frostbite' op het laatste moment af te blazen. De dag daarop? Zie de alinea hierboven.

Een Bruine winterjuffer! Locatie goed. Soort goed. Omstandigheden? Niet goed! (Pentax K-1 met Pentax DFA 100mm f/2.8 Macro WR).


Onderzoek deed me die week naar een nieuwe locatie rijden. Geen Noordse maar Bruine dit keer. Een stuk algemener en wijder verspreid. De Noordse is zwaar beschermd en op 'mijn plekje' ook niet helemaaaaal pal naast het pad. Dat heeft nooit echt heel lekker gevoeld. Ik heb dus mijn hoop op dit gebiedje gevestigd. Het scheelt ook nog eens een half uur rijden. Als ik ze hier aan zou treffen zou dat zeer welkom zijn. En ze moeten hier zitten. En gelukkig, dat zitten ze ook. Een uurtje zoeken en fotograferen en de teller staat al op 10 stuks. Soms meerdere bij elkaar zelfs. En heel goed bereikbaar. Top! Voordat ik in de auto naar huis stap heb ik alle weer-apps alweer gecheckt. Daar word ik niet vrolijk van zeg. Jasses. Maar de winter is nog lang. Ik denk aan mijn broer. De optimist.


Een dikke week verder. Totaal verrast sta ik op een maandagochtend naar buiten te kijken. Wat zullen we nou krijgen? Sneeuw? Vorst? Kou? Wat?! Ik vergeef mezelf al snel. Thuiswerken in combinatie met thuislesgeven heeft mijn aandacht afgeleid van mijn missie. Kan gebeuren. Als mijn vrouw en kinderen beneden komen loopt papa nog steeds als een koffie slurpende en besluiteloze zombie door het huis. De achtertuin in. De oprit op. Naar boven. Uit het raam kijken. Weer terug naar beneden. Is het echt koud? Zit er nou rijp op de takjes? Blijft het echt koud? Hoe koud is het eigenlijk geweest vannacht? Zou het nog de moeite zijn om....of is dat waanzin? Wat zou de kans zijn dat...? De minuten tikken weg en de temperatuur loopt op. Dan ineens is mijn vrouw het zat en sommeert me weg te gaan. Wegwezen jij. Naar de juffers. Zucht. Dat had ik even nodig. Een besluitvaardig iemand. Wat hou ik toch van haar.

Bruine winterjuffer met al een héél klein beetje rijp. Dit gaat potdorie de goede kant op! Een stack van drie beelden (Pentax K-1 met Pentax DFA 100mm f/2.8 Macro WR).


In allerijl vertrek ik. Voor ik het weet zit ik al op de snelweg. Ik rij te hard en parkeer de auto op een plek waar het eigenlijk niet mag. Maar waar vandaan het wel minder ver lopen is. De eventuele boete neem ik voor lief. Ze doen maar. Meer tijd heb ik nu eenmaal niet. Rebels als ik me voel ren ik door het bos en probeer tegelijkertijd kalm te blijven. Een paar honderd meter voordat ik ben waar ik moet zijn stop ik met rennen om tijdens het restant van de route weer even op adem te komen. Zou toch zonde zijn als je warme adem per ongeluk de rijp op de juffer doet smelten! Dan herken ik waar ik moet zijn. Ik geniet even kort van de twee reeën die schichtig staan te grazen. Hartstikke mooi, maar daar kom ik nu niet voor. Gelukkig nemen de reeën al snel rustig het hazenpad. Ik haast mij richting de provisorisch geplaatste 'markers' die ik hier heb geplaatst tijdens mijn laatste bezoek. En ja hoor. Daar hangt hij. In volle glorie een ietwat-voorzichtig-en-heel-klein-beetje-berijpt winterjuffertje. In mijn haast, want ik moet ook weer op tijd thuis zijn voor verplichtingen, neem ik een paar foto's en besluit dat er deze winter nog een kans komt. Dat moet. Ik ren terug naar de auto. Gelukkig. Geen papiertje onder de ruitenwisser! Met 101km/u rij ik weer terug naar huis.


Het is op vrijdag dat ik weer eens een weer-app open. Gewoon. Je weet per slot van rekening maar nooit. Tot mijn verbazing staat er voor komende zaterdagnacht lichte tot matige vorst aangegeven. Ik maak meteen een screentje en stuur hem door naar wapenbroeder Stijn. Voorzichtig en realistisch enthousiasme aan de andere kant van het scherm! We spreken af rustig te blijven en het in de gaten te houden. De voorspelling is goed. En het blijft goed. Zaterdagavond wordt het al snel kouder en helderder. Dat belooft veel goeds! Logistieke afspraken worden gemaakt en ik hoop dat ik de slaap kan vatten wanneer ik vroeger naar bed ga dan normaal. Ik heb met mezelf afgesproken dat ik pas een analoge en digitale check doe op het weer als mijn wekker afgaat op zondagochtend. Dat werkt. Ik slaap als een blok. Ik word wakker, kijk naar buiten en zie dat het goed is. Witte auto's in de straat. Met verse koffie toog ik naar de carpoolplaats waar we hebben afgesproken. Stijn is wat verlaat. Tien minuutjes ongeveer weet hij te melden. Ok, no big deal. We hadden extra tijd ingebouwd. Nu heeft hij de afslag gemist. Ok, ok, ok. Dan spreken we af op een andere carpool. Ook goed! Slim! Daar aangekomen duurt het toch wel wat lang. 'Waar ben je ongeveer Stijn?' vraag ik hem over de Facebook-belfunctie-waarvan-ik-het-bestaan-niet-af-wist. 'Ja ik zat aan de andere kant van de snelweg dus ik rij de verkeerde kant op'. Terwijl ik mijn hand opeet rij ik ongeduldig een rondje over de carpoolplaats.


Bruine winterjuffer bedekt met ijskristallen. Een stack van 12 beelden. Voor mij een droomplaat (Pentax K-1 met Pentax DFA 100mm f/2.8 Macro WR).


Gelukkig kunnen we al snel onze weg samen voortzetten. Weer rij ik te hard, maar vandaag zet ik de auto toch maar op de parkeerplaats. Dat stukje lopen hebben we nog tijd voor! Eenmaal aangekomen op the-place-to-be is het een mooi schouwspel. Een ree maakt zich weer uit de voeten en al snel vinden we de eerste winterjuffer. Héérlijk onder de rijp. Net als het hele veld trouwens. Witbepoederd als een verse oliebol. Vanuit een set ongeschreven en onuitgesproken regels maken we om de beurt onze foto's. We stacken er op los en ondertussen geniet ik intens van het moment. Het is gewoon gelukt! Ik kan het amper geloven. Het is nu alleen nog een kwestie van de juiste foto's maken, maar dat mag toch ondertussen het probleem niet meer zijn. Ik heb er zó veel nachten over na liggen denken dat ik precies weet wat ik van de situatie wil.

Bruine winterjuffer in natuurlijke habitat (Pentax K-1 met Laowa 15mm f/4 Wide-Angle Macro).


We zijn overigens niet de enigen die dit plekje hebben ontdekt. Aan de andere kant van het veldje staan nog drie fotografen er lustig op los te fotograferen. Dat deert niks. Zij doen hun ding en wij het onze. Ieder op ons eigen manier genieten we van de kans die we met beide handen hebben aangegrepen. Je weet immers maar nooit of het de laatste keer is dit jaar dat we getrakteerd worden op winterse omstandigheden. Na ons een uur of drie kostelijk te hebben vermaakt met meerdere juffertjes (het is overigens maar goed dat dit in context staat) wordt het toch wel weer eens tijd om op huis aan te gaan. Met een vol kaartje en lege accu's keren we terug naar de parkeerplaats. Die staat helemaal vol inmiddels. Het is zaterdag. De natuurgebieden bezwijken de laatste tijd bijna onder de wekelijkse weekenddrukte. Maar wij hebben toch maar mooi even berijpte winterjuffers op de plaat gezet! Nailed it! Voor de volgende keer zullen we helaas weer iets nieuws moeten verzinnen. Dat moet niet moeilijk zijn. Ik heb onlangs iets gehoord over een bijzonder fenomeen in een beekje ergens in Gelderland...


Met 5x vergroting en een stack van 13 beelden was deze close-up een behoorlijk technische uitdaging (Pentax K-1 met Laowa 25mm f/2.8 2.5-5x Ultra Macro).


Spelen met pasteltinten (Pentax K-1 met Pentax DFA 100mm f/2.8 Macro WR).


Door gebruik te maken van de techniek van het stapelen van beelden (stacken) kun je een grotere scherptediepte in je beeld krijgen (Pentax K-1 met Pentax DFA 100mm f/2.8 Macro WR).

244 keer bekeken

Recente blogposts

Alles weergeven

De Muze

© 2020 Chris Ruijter